Protocol Seksueel Misbruik

Gereformeerde Gemeenten - SMRK

Inleiding

Zodra binnen een kerkelijke gemeente bekend wordt dat er sprake is van seksueel misbruik en/of grensoverschrijdend gedrag door een ambtsdrager of kerkelijk werker (iemand die werkzaam is voor de kerk hetzij in dienst of als vrijwilliger) ontstaat in de regel een zeer complexe situatie, waarbij allerlei belangen en loyaliteiten door elkaar kunnen gaan lopen. Het is dan niet eenvoudig goede keuzes te maken waarbij aan alle betrokkenen zoveel mogelijk recht wordt gedaan en niet nog meer leed of schade wordt veroorzaakt. Dit protocol is bedoeld als houvast, om een weg te vinden in de vaak buitengewoon gevoelige situaties waarin alle betrokkenen terechtkomen.

Voor wie is dit protocol bedoeld?

Het protocol is bedoeld voor kerkenraden. Van de kerkenraad wordt verwacht te reageren op de reacties binnen de gemeente en sturing te geven aan het proces dat vervolgens in de gemeente ontstaat. Het protocol helpt ook individuele ambtsdragers op weg, als zij met mogelijk seksueel misbruik en/of grensoverschrijdend gedrag door ambtsdragers of kerkelijk werkenden worden geconfronteerd.

Uitgangspunten en zorgvuldigheid

De kerk hoort een veilige plaats te zijn. In situaties van seksueel misbruik binnen ambtelijk/pastorale of kerkelijke relaties wordt de kerk voor slachtoffers onveilig door grensoverschrijdend gedrag van ambtsdragers of kerkelijk werkers. Dit gedrag veroorzaakt altijd schade, niet alleen voor de betrokkenen, maar ook voor het door de kerken beleden gezag van Gods Woord. De kerk neemt daarom alle vermoedens van misbruik serieus. Dat betekent ook dat de kerk zeer zorgvuldig wil omgaan met alle betrokkenen, zowel met de mogelijke slachtoffers, de mogelijke daders als met personen die bij hen betrokken zijn.

Over zorgvuldig omgaan met het ambtsgeheim en een mogelijk conflict tussen de verschillende plichten van een ambtsdrager leest u meer in hoofdstuk 7 van het protocol.

Aandachtspunten voor een zorgvuldige benadering
Definitie van seksueel misbruik en/of grensoverschrijdend gedrag door ambtsdrager of kerkelijk werker

Seksueel misbruik is een misdaad. Het Wetboek van Strafrecht stelt ontucht tussen een werkende in de gezondheidszorg of de maatschappelijke zorg, met iemand die zich als patiënt of cliënt aan zijn hulp of zorg heeft toevertrouwd, strafbaar (Wetboek van Strafrecht, art. 249). Dit artikel is - naar analogie - van toepassing op pastorale en kerkelijke relaties. Slachtoffers van misbruik kunnen aangifte doen bij de politie. In het protocol wordt hierop ingegaan (Zie de paragrafen 2.2 en 3.4).

De volgende definitie van misbruik wordt gehanteerd in de Gereformeerde Gemeenten: Eén of meerdere uitingen, verbaal of non-verbaal, opzettelijk dan wel onopzettelijk, gewenst dan wel ongewenst, in de vorm van seksuele handelingen en/of seksueel getinte toespelingen of uitnodigingen tot seksueel contact, dan wel het op één van voornoemde wijzen ingaan op uitnodigingen tot seksueel contact en/of bedoelde toespelingen, al dan niet onder druk van geheimhouding, gedaan door een ambtsdrager c.q. kerkelijk werker ten opzichte van iemand binnen of buiten de gemeente, in een ambtelijke of anderszins op bevoegdheid en vertrouwen gebaseerde relatie, waardoor vertrouwen geschonden en de grens van persoonlijke integriteit overschreden wordt, en welke derhalve op gespannen voet staan met datgene wat ons in Gods Woord wordt voorgehouden ten aanzien van de omgang met de naaste.

Meldpunt Seksueel Misbruik Reformatorische Kerken

De Gereformeerde Gemeenten (GG), de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (GGiN), en de Oud Gereformeerde Gemeenten in Nederland (OGGiN) hebben gezamenlijk een eigen meldpunt voor seksueel misbruik en/of grensoverschrijdend gedrag in pastorale of kerkelijke relaties opgericht: het Meldpunt SMRK.

Het bestuur van de Stichting Meldpunt SMRK is samengesteld uit de drie aan het Meldpunt SMRK verbonden kerken. Het bestuur is onafhankelijk en heeft geen hiërarchische relatie met de aan de kerken verbonden deputaatschappen. De bestuursleden zijn wel kerkelijk verbonden aan één van de drie kerken.

Advisering vanuit het Meldpunt SMRK

In situaties waarbij sprake is van seksueel misbruik en/of grensoverschrijdend gedrag door ambtelijke en/of kerkelijk werkers is het belangrijk om het protocol op de juiste wijze te volgen en goede afwegingen te maken. Vanwege de ingrijpende problematiek wordt u dringend aangeraden u door het Meldpunt te laten adviseren, ook als blijkt dat de werkwijze van het protocol niet toereikend is voor de problemen of als er geen resultaat geboekt kan worden tot heling van de ernstige zaken.

Begeleiding

Zoals eerder vermeld, is het van groot belang om alle betrokkenen recht te doen in situaties van seksueel misbruik en/of grensoverschrijdend gedrag. De benadeelde neemt daarin een kwetsbare positie in. Niet alleen slachtoffers kunnen contact opnemen. Ook naasten kunnen contact opnemen met het Meldpunt SMRK. In alle situaties zal gekeken worden op welke wijze er correct en zorgvuldig gehandeld kan worden waarbij de veiligheid van het slachtoffer centraal staat.

Qua begeleiding – in pastorale zin altijd door de betrokken kerkenraad - wordt onderscheiden:

  • Begeleiding van benadeelde en of direct betrokkenen. Bij het laatste kunt u denken aan ouders van minderjarige kinderen of echtgenoten van de benadeelde. Wanneer de benadeelde en betrokkenen allen begeleiding wensen, wordt dit primair nauw afgestemd met de benadeelde om te voorkomen dat er meerzijdige partijdigheid ontstaat. Dit dient namelijk voorkomen te worden om zo een betrouwbare en veilige gesprekspartner voor de benadeelde te zijn.
  • De begeleiding volgt de wens van de benadeelde. Dit kan variëren van het delen van een verhaal tot het ondersteunen in het proces van de kerkenraad en de mogelijke gevolgen hiervan. Hierbij worden de mogelijkheden tot het delen van informatie met de kerkenraad in een vroeg stadium verkend zodat dit zo snel mogelijk tot stand kan komen.
  • De begeleiding heeft geen therapeutisch karakter. Wanneer dit de vraag is van een benadeelde of wenselijk wordt geacht, zal er te allen tijde doorverwezen worden naar passende hulpverlening.
  • Begeleiding van de kerkenraad wanneer er sprake is van seksueel grensoverschrijdend gedrag bij minderjarigen. Het is van groot belang dat er met name in die situaties adequaat en snel wordt opgetreden.

Alle stappen die worden gezet, worden in nauw overleg gedaan met de betrokkenen. Betrouwbaarheid en transparantie zijn essentieel in deze problematiek.

Reikwijdte van het protocol

Dit protocol is van en voor de kerk. Dit protocol is in overeenstemming met de DKO en is een leidraad voor kerkenraden wanneer er vermoedens zijn van, berichten over of meldingen omtrent seksueel grensoverschrijdend gedrag in pastorale of kerkelijke relaties. Het protocol handelt over seksuele grensoverschrijdingen binnen pastorale of kerkelijke relaties.

Alle andere vormen van misbruik vallen buiten dit protocol. Als u vragen heeft over wat u in een bepaalde situatie moet of kunt doen en hoe te handelen, kunt u contact opnemen met de coördinator van het Meldpunt SMRK. De coördinator kan u advies geven.

Klachtencommissie

Het kan zijn dat, korte of langere tijd na het seksueel misbruik en/of grensoverschrijdend gedrag de melder besluit om een klacht in te dienen bij de klachtencommissie van de kerkgenootschappen die aangesloten zijn bij het Meldpunt. Dit kan alleen via het Meldpunt. De klachtencommissie gaat de situatie van misbruik onderzoeken en beoordelen volgens de eigen klachtenprocedure. De klachtencommissie adviseert vervolgens de kerkenraad hoe te handelen in de gegeven situatie. De kerkenraad is verantwoordelijk en bevoegd tot het nemen van kerkelijke maatregelen. In Bijlage 2 na Hoofdstuk 8 van dit Protocol is de te volgen procedure nader uitgewerkt.

Gebruik van het protocol

Dit protocol is een leidraad om richting te geven aan uw handelwijze. Het is echter geen allesomvattend document dat op alle vragen en situaties een pasklaar antwoord heeft. Overleg daarom bij twijfel met medeambtsdragers of neem contact op met het Meldpunt SMRK.

Het is niet de bedoeling dat u het protocol in alle voorkomende misbruiksituaties van de eerste tot de laatste pagina afhandelt. Het protocol is opgezet als een belastingformulier: u zoekt in hoofdstuk 1 het beginpunt dat uw situatie weergeeft en volgt daarna de nummerverwijzingen. Zo hoeft u alleen de voor u relevante onderdelen van het protocol te lezen.

Lees het protocol steeds met de toelichting erbij. Hierin staan de overwegingen die hebben geleid tot de handelingsadviezen. De toelichting gaat soms ook in op uitzonderingssituaties en geeft aan wat te doen als het protocol niet helemaal van toepassing is.

Meld steeds aan degenen met wie u te maken hebt (de benadeelde, de beschuldigde, enz.) wat de volgende stappen zullen zijn. U voorkomt daarmee onduidelijkheid en verwarring.

Maak voor uzelf aantekeningen van uw eigen handelingen en van dat wat u is toevertrouwd. Deze aantekeningen zijn bedoeld om uw eigen geheugen te ondersteunen, niet om een 'cliëntendossier' of 'klachtdossier' aan te leggen. Komt het uiteindelijk tot een klacht en een onderzoek, dan heeft u met deze aantekeningen een geheugensteuntje, voor het geval u gevraagd wordt te getuigen. Vernietig uw aantekeningen als de klacht (en eventueel beroep) is afgehandeld.

Achter het Protocol is een lijst met gebruikte termen te vinden. Het is aan te raden deze door te nemen, voordat u het Protocol gaat gebruiken.